Real Madrid

Madrid

Prijzenkast

35x landskampioen

19x Copa del Rey

12x Supercopa

champions league logo

8x Champions League

uefa-super-cup

5x UEFA Super Cup

Laatste nieuws over Real Madrid

Real Madrid is door de wereldvoetbalbond FIFA betiteld als de beste voetbalclub van de twintigste eeuw. De Spaanse grootmacht, opgericht op 6 maart 1902 als Madrid Club de Fútbol, heeft maar liefst veertien keer de Europacup I annex de Champions League gewonnen. De Koninklijke (een in 1920 dankzij koning Alfons XIII verworven predicaat) is daarmee de fiere lijstaanvoerder in het Europese voetbal.

Real Madrid werkt de thuiswedstrijden sinds 1947 af in het Estadio Santiago Bernabéu. In de eerste jaren heette dit onderkomen nog Estadio Chamartín, maar al in januari 1955 werd gekozen voor de naam van oud-voorzitter Santiago Bernabéu Yeste (tevens oud-speler/trainer) als eerbetoon voor zijn succesverhalen. Tijdens de coronacrisis onderging het Bernabéu, dat anno 2021 een capaciteit van ruim 81.000 plaatsen heeft, een grote renovatie.

Grootmacht in Spanje

Real Madrid wist al in 1905 de eerste hoofdprijs in de clubgeschiedenis te veroveren door de Copa del Rey, het Spaanse bekertoernooi, te winnen. In de drie daaropvolgende seizoenen lukte dat de ploeg nogmaals. Real Madrid behoorde dus al meteen tot de top van het Spaanse voetbal en had in 1928 ook een groot aandeel in de oprichting van de Primera División (hoogste divisie van Spanje). Real Madrid won de eerste landstitel in 1932 en prolongeerde die titel meteen een jaar later.

De hattrick aan landstitels liet lang op zich wachten. Pas in 1954 wist Real Madrid voor de derde keer het kampioenschap van Spanje binnen te halen, maar dat betekende wel meteen het begin van een van de meest succesvolle tijden uit de geschiedenis. In de jaren vijftig werden nog drie landstitels behaald. De decennia erna bleef Real Madrid uitstekend presteren, met acht landstitels in de jaren zestig als hét hoogtepunt. Inmiddels staat de teller op 35 landstitels en negentien Spaanse bekers.

Europees succes

Het succesverhaal van Real Madrid is wel enigszins discutabel te noemen. De Spaanse grootmacht genoot bescherming van dictator Franco, waardoor de club in staat werd gesteld om nationaal én internationaal grote successen te boeken. Tussen 1956 en 1960 won Real Madrid telkens de Europacup I, met de 7-3 overwinning op Eintracht Frankfurt als meest memorabele finale.  Alfredo Di Stéfano, Francisco Gento en Ferenc Puskás behoorden tot de grote sterren van dat elftal. Naar laatstgenoemde is overigens de prijs voor mooiste goal van het jaar vernoemd, de Puskás Award.

Uitgerekend aartsrivaal FC Barcelona wist de hegemonie van Real Madrid in 1961 te beëindigen. In 1966 ging de Europese hoofdprijs opnieuw naar de Spaanse hoofdstad, maar pas 1996 en 2002 ontstond een nieuwe hegemonie door het meest prestigueze clubtoernooi van Europa driemaal te winnen. Na de 2-1 overwinning op Bayer Leverkusen in 2002, met een wereldgoal van de Fransman Zinédine Zidane, stond De Koninklijke dus op negen Europese eindzeges.

Real Madrid kwam in de ban van Lá Decima, maar opnieuw stokte het succes. De Madrilenen werden telkens voortijdig uit de Champions League gegooid. Pas na twaalf jaar wachten werd het Madrileense ongeduld beëindigd. Stadsgenoot Atlético Madrid leidde vlak voor tijd nog met 0-1, maar goals van Sergio Ramos, Gareth Bale, Marcelo en steraanvaller Cristiano Ronaldo bezorgden Real Madrid als eerste club de tiende Europese hoofdprijs.

Real Madrid, dat ook al twee keer de UEFA Cup veroverde (1985 en 1986), bleek na de triomf onder Carlo Ancelotti helemaal los te zijn. In 2015 moest de trofee nog aan aartsrivaal Real Madrid worden gelaten, maar zowel in 2016, 2017, 2018 als 2022 werd Madrid hét centrum van het Europese clubvoetbal. Onder Ancelotti en Zidane lukte het de Madrilenen in die jaren eveneens om de wereldbeker te veroveren.

Rivaliteit met FC Barcelona

Enkele maanden na de oprichting stond Real Madrid al voor de eerste keer tegenover FC Barcelona. Ter gelegenheid van de kroning van Alfons XIII troffen beide clubs elkaar, met een 3-1 overwinning voor de Catalanen als resultaat. Het bleek het begin van een beladen voetbalgevecht tussen twee latere grootmachten. Inmiddels staat de teller op 280 onderlinge confrontaties, waarvan er 103 in Madrileens voordeel eindigden. De aartsrivaal trok overigens vaker aan het langste eind: 115 keer.

De confrontaties tussen Real Madrid en FC Barcelona heeft de naam El Clásico gekregen. De rivaliteit tussen beide clubs is groot. Daar kreeg vooral Luis Figo mee te maken, die in 2000 na vijf jaar Barcelona voor een recordbedrag tekende bij de aartsrivaal. Het begon met relatief onschuldige fluitconcerten, maar tijdens de clash in 2003 gooiden boze Catalanen zelfs frisdrankflesjes, mobiele telefoons, muntjes en een varkenskop richting de Portugees.

Galácticos

President Florentino Pérez heeft een grote rol gespeeld in de ontwikkeling van Real Madrid. Bij zijn aantreden in 2000 behoorde de Spaanse topclub al tot de wereldtop, maar zijn droom was om de club de absolute nummer één ter wereld te maken. In aanloop naar de verkiezingen beloofde Pérez stervoetballers aan te zullen trekken. De nieuwe president besloot het trainingscomplex voor 500 miljoen euro te verkopen aan de stad Madrid, waardoor er budget ontstond om spelers als Luis Figo, Zinédine Zidane, de Braziliaanse spits Ronaldo en David Beckham in te lijven. Zij werden de Galácticos genoemd.

Pérez slaagde er echter niet in om van Real Madrid een overheersende club te maken. Hij maakte daarom plaats voor Fernando Martín, die al snel weer werd afgelost door Ramón Calderon. De advocaat volgde de lijn van Pérez door grote namen aan te trekken, met onder meer Ruud van Nistelrooy als aanwinst. In de jaren daarna werden veel meer Nederlanders naar het Bernabéu gehaald. Arjen Robben, Wesley Sneijder, Royston Drenthe, Rafael van der Vaart en Klaas-Jan Huntelaar droegen allemaal het shirt van De Koninklijke.

Medio 2009 maakte Florentino Pérez zijn comeback als president van Real Madrid. Net als in zijn eerste periode besloot hij de toenemende schuldenlast voor lief te nemen in ruil voor de komst van grote namen. Vooral de komst van Cristiano Ronaldo, die voor 94 miljoen euro werd overgeheveld van Real Madrid, maakte indruk. Diezelfde zomer werd ook de Braziliaan Kaká voor 68 miljoen euro aangetrokken. Dat leidde niet meteen tot de winst van de Champions League en dus werd voor Gareth Bale ook nog maar eens een slordige honderd miljoen euro neergeteld.

Super League-droom

Real Madrid staat inmiddels voor een nieuw tijdperk. De Madrilenen kampen nog altijd met financiële problemen, zeker door de gevolgen van de coronacrisis. In 2021 besloot Real Madrid zelfs om met een aantal andere Europese topclubs de invoering van de European Super League aan te kondigen. Met dit toernooi dacht Real Madrid zich te garanderen van grote inkomstenstromen en topwedstrijden, maar de enorme ophef zette al snel een streep door dit plan. Alleen Real, Barcelona en Juventus bleven publiekelijk de Super League verdedigen, tot grote verontwaardiging van de UEFA.

President Pérez sprak tegenover Onda Cero duidelijke taal over de toekomst van de sport. “Het voetbal verliest zijn aantrekkingskracht. De Super League is gevormd door de clubs met de meeste fans ter wereld. De inkomsten uit uitzendrechten lopen terug, dat is het grote probleem. Als er geen geld is, sterft het voetbal. Iedereen die dat niet ziet, is blind.”

Laatste update: 26 juli 2022

Real-spelers

Wat kost gokken jou? Stop op tijd | 18+ | loketkansspel.nl | Gokken kan verslavend zijn, deel deze inhoud niet met minderjarigen | Algemene voorwaarden zijn van toepassing | #Advertentie