Interview: Het hectische leven van trainer Yannis Anastasiou: “Vallen en opstaan”

Foto: Interview: Het hectische leven van trainer Yannis Anastasiou: “Vallen en opstaan”

Training na training, wedstrijd na wedstrijd, seizoen na seizoen; het ritme van voetballers is monotoon en dwingend. Na een carrière van achttien jaar zijn de meesten toe aan een kleine pauze. Yannis Anastasiou niet. Hij stapte meteen in de volgende achtbaan als trainer bij Panathinaikos en Roda JC. Hij leerde het klappen van de zweep kennen en is nu gesetteld als hoofdtrainer in de Griekse middenmoot. De oud-Ajacied blikt tegenover SoccerNews.nl terug op een aantal veelbewogen jaren.

“De afgelopen interlandweek was voor mij een prettige rustperiode in een drukke tijd. Als trainer ben je altijd bezig met de volgende wedstrijd. Ik heb de vrije dagen benut om wedstrijdbeelden te bekijken, maar ik ben ook een paar dagen in Amsterdam geweest bij mijn zoon die daar studeert. Ik probeer het contact met Nederland warm te houden. Ik lees elke dag het nieuws en spreek zo vaak mogelijk Nederlands om het bij te houden. Door mijn jaren bij Roda en Ajax heb ik een deel van de mentaliteit overgenomen. Alles is goed georganiseerd in Nederland, mensen werken hard, maar er moet ook veel. In Griekenland zijn mensen flexibeler en leven ze met de dag. Voor mij als trainer is het ideaal om tussen die twee culturen te schakelen.”

Stage bij Guardiola
“Als coach vind ik het belangrijk om structuur aan te brengen, scherp te zijn op afspraken en één lijn te volgen. Natuurlijk moet je je momenten kiezen om flexibel te zijn, maar je moet de regels handhaven en elke speler gelijk behandelen. Jong, oud, Grieks of buitenlander: ze moeten zich aan de afspraken houden. Dat leerde ik van Pep Guardola tijdens mijn stage bij FC Barcelona in 2010. Het was zijn tweede jaar als hoofdtrainer en ik kon een week meelopen via Maxwell, mijn goede vriend die ik bij Ajax leerde kennen. Wat ik merkte was dat Guardiola extreem duidelijk was en bovenop zijn spelers zat. Hij maakte geen verschil tussen Messi, Xavi, Iniesta of een jong talent. Zij hadden net de Champions League gewonnen, maar bleven hongerig om meer te bereiken. Waarom zou een speler uit mijn team dan niet de regels hoeven volgen? Ik zie wel dat deze generatie spelers anders in elkaar steekt dan in mijn tijd als speler. Ze zijn met veel verschillende dingen bezig, zoals social media en aandacht van buitenaf. Maar je merkt snel genoeg of ze hun prioriteiten scherp hebben. Als ze beter willen worden, ben ik daar om te helpen. Als ze dat niet willen, heeft het geen zin.”

De kleedkamer van Ajax
“Als speler stond ik altijd al klaar voor mijn teamgenoten. Op die manier speelde ik op het eind van mijn carrière een positieve rol bij Ajax onder Ronald Koeman en Danny Blind. Ik zorgde ervoor dat alles goed zat in de kleedkamer. Als iemand zich niet goed voelde of zich anders gedroeg dan normaal, knoopte ik een gesprek aan. Ik probeerde advies te geven en de jongens te helpen om op voetbal te focussen. Iedereen heeft problemen in zijn leven, maar elk probleem heeft een oplossing. Mijn teamgenoten merkten dat ze daarvoor bij mij terecht konden. Ik was 33 jaar en een ervaren speler in een team vol talenten, zoals Van der Vaart, Sneijder, Heitinga, Pienaar en Nigel de Jong. Met Maxwell heb ik altijd contact gehouden en ook Galasek, Lobont, Rosenberg en Rosales spreek ik nog regelmatig. Eigenlijk iedereen wel. Dat is voor mij normaal. We waren teamgenoten voor een bepaalde periode, maar daarbuiten is iedereen ook gewoon mens. Ik heb in het voetbal veel mensen ontmoet en vrienden gemaakt voor het leven. Dat is belangrijk voor mij.”

Eerste stappen als trainer
“In mijn tweede seizoen bij Ajax besloot ik dat ik trainer wilde worden. Ik was nieuwsgierig naar hoe je een team kan organiseren en trainen. Ik vroeg aan Blind of ik stage mocht lopen en kon terecht bij de Onder 14 van Arnold Mühren. Die zomer ben ik met mijn trainerscursus begonnen in Engeland. Twee jaar later stopte ik als speler en zou ik assistent-trainer worden van Peter Boeve bij Omniworld (nu Almere City, red). Een paar dagen voordat ik zou beginnen, belde Henk ten Cate. Hij ging naar Panathinaikos en wilde mij meenemen, omdat ik de Griekse cultuur ken en Nederlands spreek. Dat was voor mij een mooie kans om bij een topclub in mijn land te werken en te leren van Ten Cate, een fantastische veldtrainer. Ook Mike Snoei en Gerard van der Lem gingen mee. We hadden een selectie met topspelers als Gilberto Silva, Djibril Cissé en de Griekse helden Yannis Goumas en Giorgios Karagounis, die in 2004 het EK hadden gewonnen. Na anderhalf jaar werd Ten Cate ontslagen en ging ik terug naar Nederland.”

“Als onderdeel van mijn trainersopleiding werd ik vervolgens coach van de B2 van Ajax. Daarin zaten onder meer Jaïro Riedewald en Damil Dankerlui. Donny van de Beek trainde regelmatig mee vanuit de C-jeugd. Het is alweer twaalf jaar geleden, maar ik herinner me dat hij een stuk beter was dan zijn leeftijdsgenoten en zich kon meten met de oudere jongens. Ik bleef één seizoen bij Ajax, haalde mijn papieren en zat kort bij Reading als assistent van Brian McDermott. Stuk voor stuk ervaringen die ik opdeed omdat ik hoofdtrainer wilde worden. Die kans kwam sneller dan ik dacht. Ik kreeg een belletje van Panathinaikos.”

Dappere keuze
“In het leven krijg je kansen die je moet pakken. Ik ben dapper geweest en nam de grote stap om hoofdtrainer te worden bij Panathinaikos, mijn eerste klus op eigen benen. Ik vind dat het goed is gegaan. Het eerste jaar wonnen we de beker en plaatsten we ons voor de Champions League. We eindigden in de competitie twee keer als tweede met een kleiner budget dan de concurrentie. In mijn derde seizoen kwam er een kantelpunt. We werden snel uitgeschakeld in Europa en er ontstond een negatieve sfeer. De voorzitter wilde iets veranderen en we maakten de keuze om ermee te stoppen. Het was een pijnlijk moment, maar dat is ook voetbal. Soms zit het mee, soms zit het tegen. Ik geloofde in mijn eigen plan, maar je hebt met andere mensen en situaties te maken. Je kunt niet alles controleren. Een trainer is geen tovenaar.”

“Terugkijkend was het een mooie periode bij Panathinaikos. De jonge spelers ontwikkelden zich goed en ik haalde een aantal versterkingen die in Nederland hadden gespeeld, zoals Markus Berg, Daniel Pranjic, David Mendes da Silva en Emir Bajrami. Ik had goed zicht op hoe zij speelden en wat ze voor mijn team konden betekenen. Bij de keuzes ben je natuurlijk afhankelijk van je budget. Hoeveel geld kun je besteden? En willen de spelers mee in jouw plannen? Deze jongens beseften dat Panathinaikos een grote club is die voor de prijzen speelt, en ook nog in een mooie stad als Athene. Helaas is alles eindig in het voetbal. Ik heb het 2,5 jaar volgehouden, dat is een lange tijd bij een Griekse topclub. Trainers worden hier sneller ontslagen dan in Nederland. De druk is hoog en het geduld raakt snel op. In dit vak ben je afhankelijk van de resultaten. Als die goed zijn, krijg je adem. Als de resultaten niet goed zijn, kom je snel onder vuur te liggen. Je kunt nog zo goed voetballen, maar als je niet wint, vlieg je er als trainer op een gegeven moment uit.”

Moeilijk werken bij Roda
“Bij iedere club heb je met andere factoren te maken. Bij mijn volgende baan bij Roda JC kwam ik in een moeilijke situatie. Als voetballer had ik daar mijn beste jaren meegemaakt. We speelden toen zelfs Europees voetbal, maar daar was weinig van over. Het ging al een aantal jaar niet zo goed. Roda vocht tegen degradatie, er was financieel weinig mogelijk en we hadden een beperkte selectie. Ik moest als trainer dealen met de consequenties op het veld. Er was een gebrek aan kwaliteit, concentratie en discipline. Dat is moeilijk werken.”

“Halverwege het seizoen kwam er een Russische investeerder, Aleksei Korotaev. In het begin was iedereen enthousiast, maar al snel werd de situatie onduidelijk en ontstond er onrust. Dat had impact op de selectie en mij als trainer. Er gebeurde veel om ons heen, maar wij moesten ons focussen op voetbal. In de winter kwamen er negen spelers bij. We verloren minder vaak en konden directe degradatie voorkomen, maar we moesten play-offs spelen. Daarin speelden we heel slecht tegen Helmond Sport. Het leek alsof het team bang was en niet durfde. We misten een idee en het geloof in onszelf. Dat was niet zo gek als je kijkt naar hoe de selectie was samengesteld en alle onzekerheden rondom de club. Het was een logisch gevolg van gebrek aan visie over voetbal binnen de club. Als trainer werd ik daar het slachtoffer van. We wonnen van Helmond, maar ik mocht de play-offs niet eens afmaken. Dat was een harde beslissing die ik moeilijk kon begrijpen.”

“Voetbal is niet eerlijk, maar dat is het leven ook niet. Twee dagen voor mijn ontslag was mijn schoonmoeder overleden. De klap van mijn ontslag kwam daarbovenop, maar ik hield me sterk om mijn vrouw te ondersteunen. Dat was belangrijker dan mijn eigen situatie. Ik wist dat ik bij Roda elke dag mijn volledige focus en energie had ingezet om de spelers beter te maken. Achteraf kunnen mensen zelf beoordelen of het de juiste keuze was om mij weg te sturen. Helaas degradeerde Roda het jaar daarop alsnog. Ze spelen nu al vijf seizoenen in de Keuken Kampioen Divisie. Dat verdienen de supporters niet.”

Drie clubs in drie jaar
“Ik had tijdens het seizoen al getekend bij VV Kortrijk en maakte in de zomer de overstap. Het begin was goed, maar daarna raakten bepalende spelers geblesseerd. De selectie had weinig breedte, de resultaten werden minder en de clubleiding had geen geduld met mij. Ik moest hun keuze weer accepteren.”

“Het volgende seizoen stapte ik in bij Omonia Nicosia op Cyprus. We behaalden de doelstelling om in de top zes te eindigen, maar daarna kregen het bestuur en ik een verschil in filosofie. We hadden andere ideeën over de samenstelling van het team voor het nieuwe seizoen. Daarom maakten we de afspraak om ermee te stoppen.”

“Na drie clubs in drie verschillende landen keerde ik terug naar Griekenland, maar Atromitos FC bleek niet de juiste keuze. Ik kreeg niet de tijd om mijn plannen te ontwikkelen. We zetten een reeks slechte resultaten neer en daar word je in Griekenland keihard op afgerekend. In november werd mijn contract beëindigd. Ik besloot even pauze te nemen om tot mijzelf te komen. Dat was de eerste keer in jaren dat ik echt tijd had om te reflecteren.”

Genieten
“Na anderhalf jaar stapte ik in bij Panetolikos, waar ik nu al twee jaar zit. De club vocht de afgelopen jaren tegen degradatie, maar vorig seizoen eindigden we negende en dit seizoen zevende. We maken progressie en zijn een stabiele middenmoter geworden. Dat heeft alles te maken met de mentaliteit die we in de club hebben gebracht. De spelers zijn bereid om hard te werken. Soms maken ze fouten, dat is normaal, maar met de juiste instelling kunnen ze beter worden. Wanneer we een vrije training organiseren, die optioneel is, komen er negentien spelers opdagen. Op hun vrije dag. Dat zegt voor mij genoeg. Ik geniet ervan om met zulke jongens op het veld te staan.”

Vallen en opstaan
“Mijn trainerscarrière is tot nu toe erg hectisch geweest. Het is met vallen en opstaan gegaan. Ik ben gegroeid als mens en als professional, heb mijzelf ontwikkeld, maar ben mijn normen en waarden niet uit het oog verloren. Ik zal mijzelf niet veranderen om een ander blij te maken. Ik volg een rechte weg en ben eerlijk en duidelijk tegen iedereen. Ik heb altijd hard gewerkt om mijzelf en anderen beter te maken. Dat is mijn werk als trainer en dat doe ik zo goed mogelijk. Daar is geen discussie over mogelijk. Aan het einde van de dag kan ik mijzelf recht in de spiegel aankijken.”

Verdient Anastasiou een nieuwe kans in Nederland?

  • Ja
  • Nee
151+ Votes

Lees meer

Deel op sociale media:

Wat kost gokken jou? Stop op tijd | 18+ | loketkansspel.nl | Gokken kan verslavend zijn | Deze boodschap mag niet gedeeld worden met minderjarigen| Algemene voorwaarden zijn van toepassing | #Advertentie